Schrijfsels over wat me aan het denken zet

Bijna aan het eind gekomen van de serie van Nicci French, besloot ik met de zogenaamde ‘Zweedse Nicci French’ te beginnen. Mijn verwachtingen van Lars Kepler waren hoog: Scandinavische thrillers schijnen erg goed te zijn en Kepler’s eerste deel, hypnose, was meteen een internationale bestseller. 

Het is niet moeilijk in het verhaal te komen. Het boek begint met de gruwelijke moord op de familie Ek: de vader is vermoord bij het sportveld, de moeder en twee kinderen worden thuis aangetroffen. De vijftienjarige Josef blijkt de aanslag overleefd te hebben en wordt zwaargewond naar het ziekenhuis gebracht. Omdat het leven van de oudere zus gevreesd wordt, schakelt commissaris Joona Linna hypnotiseur Erik Maria Bark in. Erik heeft tien jaar daarvoor het hypnotiseren achter zich gelaten, maar gaat overstag. De hypnose levert iets anders op dan verwacht en daarmee lijkt de ontknoping zich al aan te dienen, terwijl je nog niet eens op eenderde van het boek bent. 

Dan wordt de zoon van Erik en Simone Bark, Benjamin, ontvoerd. Er wordt eerst uitgegaan van een link met de moord op de familie en als lezer ga je daar ook vanuit, want als die link er niet zou zijn, verwacht je niet dat dit verhaal zo sterk uitgewerkt zou zijn. Er is ook een verhaallijn over kinderen die zich Pokémonfiguren noemen en in het kader daarvan zeer gewelddadig zijn tegenover anderen en hen van alles aftroggelen. Benjamin is daarbij betrokken geweest. En er is het verleden van Erik als hypnotiseur. 

Het verhaal is wel spannend en ik heb ook geen moment de neiging gehad te stoppen, maar aan het eind gekomen vind ik het onbevredigend. Je blijft nieuwsgierig naar wat nu het verband is tussen al die verhaallijnen, maar uiteindelijk blijkt dit verband er nauwelijks te zijn. Slechts één verhaallijn is echt relevant voor de ontknoping. Daarmee hangt het verhaal eigenlijk samen aan toevalligheden en dat is niet echt geloofwaardig, gezien de mate van geweld die in alle drie de verhaallijnen voorkomen. Ook in kleinere dingen is de geloofwaardigheid ver te zoeken. Zo wil Erik zijn schoonvader Kennet niet betrekken bij de vermissing van Benjamin. Er speelt iets tussen die twee, maar wat precies en waarom blijft onduidelijk. Kennet zou Erik overal de schuld van geven, bijvoorbeeld dat Benjamin de bloedstollingsziekte hemofilie heeft. Maar dit is een erfelijke ziekte op het X chromosoom, die een zoon dus altijd via de moeder krijgt en niet via de vader. Eerst denk je nog dat daar meer achter moet zitten en dat lijkt ook even het geval te zijn, maar de eindconclusie is dat de schrijver hier niet van op de hoogte is geweest. 

Daarnaast zijn de personages niet uitgediept. Erik Bark mag dan verslaafd zijn aan slaaptabletten, qua persoon kan ik hem niet onderscheiden van Joona Linna en dat geldt eigenlijk ook voor de vader van Simone, gepensioneerd commissaris Kennet. Josef Ek en zijn zus Evelyn zijn beter uitgediept, maar die zijn voor het verhaal uiteindelijk niet zo relevant. 

De Zweedse Nicci French? Echt niet. Nicci French heeft sterke personages, sterkere verhaallijnen en is over het geheel een stuk geloofwaardiger. Ik heb inmiddels wel begrepen dat de latere boeken van Kepler beter zijn, maar ik ben er wel even klaar mee. Voorlopig  voor mij geen Lars Kepler meer. 

Advertenties

Vakantie in Sprookjesland

Vooraf had ik van twee mensen foto’s gezien, verhalen gehoord, erover gelezen, op willekeurige plekken op Google Streetview gekeken. Alles bevestigde dat we de juiste vakantiebestemming hadden gekozen. Slechts een enkeling vroeg zich af hoe we het in ons hoofd haalden naar een koud land als IJsland te gaan in de zomer, maar er bestaan warme kleren tegen kou. We hadden dus hoge verwachtingen. En toch ging deze reis onze verwachtingen ver te boven!

We hadden een prachtig programma voor onszelf bedacht: een aantal dagexcursies en een meerdaagse wandeltocht door het binnenland. Op die manier zouden we veel van het land te zien krijgen, maar ook de gelegenheid krijgen in de natuur te zijn. Die combinatie bleek heel goed te werken!

Een paar hoogtepunten op een rijtje:

De geisers en hot springs zijn fascinerend. Er zijn er veel van in IJsland, sommige geven een damp af en sommigen zijn voortdurend in beweging. Eentje spuit om de ca. 10 minuten een straal kokend heet water de lucht in. Het stinkt naar rotte eieren, maar het is overweldigend mooi. Veel hotsprings zijn te heet, maar in sommige kun je zwemmen. Bij onze laatste hut, na vier dagen wandelen, hebben we in zo’n hot tub gezeten, echt heerlijk! DSC_0115

In het bergachtige landschap ontdek je hier en daar al snel een gletsjer. Wij wandelden vier dagen langs een gletsjer, zo mooi om te zien! We hebben zelfs gevaren op het gletsjermeer, water waar ijsschotsen uit de gletsjer in drijven. En we hebben 1000 jaar oud ijs gegeten van de gletsjer. Het gletsjermeer was het mooiste dat we tijdens de vakantie hebben gezien!

DSC_0886

Natuurlijk zijn er ook veel watervallen. De Gullfoss was de eerste die we bezochten. Ik hoor nog het geluid van het ruizen van het water, hoe het water zijn weg baant tussen de rotsen door naar beneden en de damp die opstijgt door het kletteren van water op water. Veel watervallen zagen we vanuit de bus en tijdens onze wandeling. Op de laatste dag hebben we er nog twee bezocht: De Skogafoss en de Seljalandsfoss. Beide waren om hun eigen reden erg bijzonder. De eerste leverde door het spattende water in combinatie met een heerlijk zonnetje een prachtige regenboog op, heel fel, en als je op de juiste plek stond, zo rond als een gesloten cirkel. De tweede waterval was eentje waar je om heen kon lopen.

IMG_1229

Gullfoss


DSC_0705

Regenboog bij Skogafoss


IMG_1891

Achter de waterval Seljalandsfoss

Op onze tweede dag in IJsland werden we ergens in the middle of nowhere gedropt. Er was verder niemand, er was geen huisje in de buurt. Alleen wij en een zwerm muggen die maar moeilijk afscheid van ons konden nemen. Er was wel een bordje waar netjes op stond welke kant we op moesten om bij onze hut te komen. Dat was de start van onze vierdaagse wandeltocht, waar we ontzettend van genoten hebben.

Ik kwam erachter dat ik backpacken heel leuk vind. Je voelt natuurlijk wel het gewicht van de tas, je voelt de vermoeidheid en spierpijn in je benen, maar je krijgt er ook heel veel voor terug. Je bent één met de natuur, beleeft de natuur. Veel dingen die we de rest van de vakantie deden, waren heel toeristisch. De wandeltocht was genieten van de geluiden van de natuur, de stilte, geen auto’s in de buurt, een enkele wandelaar, schapen die door rivieren waden en wegrennen als je eraan komt, stromende beekjes, zoeken naar een pad, goed kijken waar je je voeten neerzet, riviertjes oversteken, slapen in hutten, eentje zelfs zonder stromend water en een gat in de grond als toilet. Dichtbij de bergen, sneeuw die je nog net niet bijna kunt aanraken, lavavelden, bloemetjes die je nog nooit eerder hebt gezien, een enkele fluitende vogel.

IMG_1261

IMG_1265

IMG_1286

Onze eerste hut

DSC_0199

DSC_0215

Onze derde hut, zonder stromend water


DSC_0223

Riviertje oversteken

We zagen dieren die we normaal niet zien of anders alleen in de dierentuin. Een haai (wat heel bijzonder is, die wordt niet vaak gespot), dolfijnen en papagaaiduikers (vogel die vooral in IJsland leeft) in de Atlantische Oceaan. Zeehonden die lekker luieren aan de Westkust. Heel bijzonder, al zochten we eigenlijk de walvis, maar die liet zich maar zo kort zien dat wij er geen glimp van konden opvangen.

IMG_1735

Papagaaiduiker


DSC_0418

Zeehonden langs de Westkust


DSC_0601

Een haai


DSC_0650

Een paar van de vele dolfijnen die in het water sprongen

We zijn bij de prachtige Westkust geweest met hele mooie stranden en rotsformaties. Hier zijn we ook in een lavagrot geweest, waar we op een gegeven moment alle zaklampen uitdeden en stil waren. Zo indrukwekkend om helemaal niets te zien, ook niet een heel klein beetje en ook niet als je even wacht en went aan het donker, en niets anders te horen dan het geluid van de grot: druppen die op de grond vallen.

IMG_1574

De Westkust


IMG_1655

Een strandje aan de Westkust

Natuurlijk zijn we ook nog een rondje door Reykjavik gelopen en dan kun je de grote Lutherse kerk natuurlijk niet missen. DSC_0318 (2)

Al met al hebben we een hele mooi vakantie gehad. Ik had vaak het gevoel in Sprookjesland te zijn. Wat niet zo vreemd is met alle sagen en volksverhalen die we gaandeweg de vakantie hebben gehoord en het idyllische landschap. IJsland is een prachtig land, wat ik iedereen zou aanraden als vakantiebestemming en waar ik vast en zeker in de toekomst nog eens een kijkje ga nemen!

 

 

4 mei voor mij

Het was even een trend op social media: aangeven of het wel of niet een 4 mei voor jou was. Het begon met iemand die vond dat de dodenherdenking te veel gericht was op de witte geschiedenis, en daarom scheef ze: ‘Geen 4 mei voor mij’. Massaal werd daar op gereageerd, door mensen die het ermee eens waren en door mensen die als tegenzet ‘Wel 4 mei voor mij’ posten.

Het zou enigszins hypocriet zijn als ik zou zeggen dat het herdenken van de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog mij veel zegt. De afgelopen 25 keren dat het in mijn leven 4 mei was, heb ik eerlijk gezegd niet al te veel stilgestaan bij deze slachtoffers. Dit komt deels doordat het ver van mij afstaat: toen ik werd geboren was Nederland al 45 jaar vrij, maar het komt ook doordat ik me er lange tijd niet in heb willen verdiepen.

Miljoenenaantallen slachtoffers zeggen niet zoveel als je de personen niet kunt personaliseren. Toen ik op mijn 17e met school naar Theresienstadt ging, maakte alles wel indruk, maar realiseerde ik me echt wat zich daar had afgespeeld? Dat het echt mensen waren geweest die daarnaartoe waren gebracht, die de tunnel naar de executieplek daadwerkelijk hadden doorgelopen in de wetenschap dat ze aan het einde de dood zouden vinden?

Door verhalen van slachtoffers te vertellen, krijgen de miljoenenaantallen gezichten, maar is dat nog eerlijk tegenover de miljoenen slachtoffers die overblijven zonder gezicht, zonder verhaal? Om die reden wilde ik eerst het dagboek van Anne Frank niet lezen. Ik vond het niet eerlijk dat zij het boegbeeld was en dat daarmee alle andere (joodse) mensen werden vergeten. Toen ik het uiteindelijk wel las, realiseerde ik me dat het ook andersom werkte: door ons Anne Frank te herinneren, wordt de herinnering aan het gebeuren levend gehouden.

Nog steeds kan ik me moeilijk een beeld vormen van hoe de jaren van de oorlog zijn geweest, van de gruwelijkheden in de concentratiekampen. Nog steeds is het niet iets waar ik mijn aandacht op richt, misschien wel niet op wil richten. Ook deze 26e 4 mei zal er één zijn waarop ik niet in de eerste plaats stil sta bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Ja, zij streden voor onze vrijheid en ja, daar ben ik dankbaar voor, maar dat deden de slachtoffers van alle eerdere oorlogen ook.

Toch betekent 4 mei iets voor mij. Op 4 mei denk ik aan de mensen die in oorlog leven. Aan hen die uit pure wanhoop al hun geld geven aan een mensensmokkelaar. Aan hen die zich op die manier vrijwillig als dieren laten vervoeren in te volle vrachtwagens of te volle en gammele bootjes, omdat dat een betere optie lijkt dan te blijven in het oorlogsgebied. Aan hen die deze reis niet overleven. Aan hen die het wel overleven, maar vervolgens niet opgevangen worden. Nauwelijks eten krijgen. Geen hygiëne en na verloop van tijd: geen hoop.

En om dan nog even aan te sluiten bij een slachtoffer van de Tweede Wereldoorlog, Roos Derks: Het zijn er veel, de vluchtelingen, en dat maakt het lastig voor Europa ermee om te gaan. Maar stel je nu eens voor dat één van die vluchtelingen, dat jij dat bent. Hoeveel luxe en rijkdom hebben we dan nog nodig voordat we kunnen delen?

Dat is wat 4 mei voor mij betekent. Dat is waar ik vanavond aan denk.

Vorig jaar rond deze tijd ging ik overstag: ik kocht een e-reader. De reden was in eerste instantie dat de e-reader gemakkelijker mee te nemen is op fietsvakantie dan een papieren boek: je kunt er meerdere boeken opzetten, zonder dat het meer ruimte inneemt en meer weegt en de kans op beschadiging is kleiner. Uiteindelijk was er iets mis met mijn e-reader en had ik hem net niet op tijd terug om hem mee te nemen op vakantie. Na een jaar kan ik wel iets vertellen over mijn ervaringen met de e-reader: is het een aanrader of een afrader?

Een e-reader heeft een aantal voordelen: je kunt het makkelijk meenemen als je op vakantie gaat of een dagje weggaat. Het leest niet onprettig (hangt wel enigszins af van het merk en type) en je kunt goedkoper en gemakkelijker aan boeken komen. Je hoeft er niet voor naar de winkel en als je wilt kun je op meerdere manieren aan gratis boeken komen (via de bibliotheek, via kennissen of via illegale sites). Zo kreeg ik van een kennis nogal wat e-books. Daarmee had ik best een paar jaar vooruit gekund. Een ander voordeel is dat je geen dikke zware boeken op je schoot hoeft te hebben. Ook heb je geen problemen met het vinden van de pagina waar je bent gebleven, want dit wordt automatisch bijgehouden. Geen boekenlegger nodig dus.

Maar een e-reader heeft ook zeker wat nadelen. Ik kan hierin enkel afgaan op mijn eigen ervaringen, dus mogelijk gelden bepaalde nadelen niet bij andere e-readers. Een nadeel is wat mij betreft dat vooruit bladeren niet gemakkelijk gaat. Daardoor kan ik niet even kijken hoeveel pagina’s ik nog moet tot het volgende hoofdstuk, waardoor ik minder geneigd ben door te lezen tot het hoofdstuk uit is en ook om met een nieuw hoofdstuk te beginnen als ik net eentje heb uitgelezen. Ook terugbladeren gaat lastig, dus als je even iets wilt terugzoeken, is dat erg onhandig.

Een tweede nadeel is de hoeveelheid tekst die op een pagina staat. Nu kun je dat zelf instellen, maar hoe meer tekst er op de pagina staat, hoe kleiner de letters worden. Weinig tekst per pagina zorgt ervoor dat het langzamer leest, je moet meer bladeren en je komt er minder snel doorheen (tenminste, dat is mijn persoonlijke ervaring).

Een derde nadeel is waarschijnlijk inherent aan mijn e-reader: nu na een jaar loopt de batterij al erg snel leeg. Nu had ik dus ook niet meteen de allerduurste gekocht, aangezien ik niet zeker wist of ik het prettig zou vinden. De mijne koste iets van zestig euro. Bij een duurdere e-reader verwacht ik dat dit batterijprobleem er niet zal zijn.

Al met al merk ik dat ik een e-book er minder snel bij pak dan een gewoon boek. Ik doe langer over een e-book en ik vind het minder prettig lezen dan een gewoon boek. Een e-reader zou ik daarom niet aanraden als vervanger van het papieren boek, maar wel als alternatief bij vakanties of dagjes weg.

Dus…

Ik ben weer lid geworden van de bibliotheek.

 

Wie T zegt…

Sinds kort weet ik het zeker: ik ben verslaafd aan thee. Gelukkig voor mij behoort thee op dit moment nog tot de gezonde levenswaren en schijnt het zelfs heel goed te zijn om drie koppen thee per dag te drinken. Zolang dat zo is hoef ik me dus geen zorgen te maken en kan ik gerust doorgaan met het kopen en proberen van nieuwe smaken.

Een tijdje geleden heeft pickwick iets nieuws bedacht. Het plakken van indringende levensvragen op de labeltjes. Ik weet niet of dat nu echt helpt om de verkoop te verhogen. Ik ben er persoonlijk niet zo gevoelig voor en kies toch nog altijd liever voor de naar mijn mening lekkerdere thee van Lord Nelson (Lidl; met name de groene thee met sinaasappelsmaak is nu mijn favoriet), maar als je het dan toch een keer in huis hebt is het best leuk er ook iets mee te doen. En ik heb al zolang niet geblogd dat het misschien goed is jullie hiermee te vervelen.

Hier komt ie dan: het antwoord op de levensvragen (ik maak ze ter plekke open)IMG_0098

 

 

Wat voor muziek heb je het laatst geluisterd?

Op dit moment staat Spotify aan en speelt het nummer Soho Waltz van The Common Linnets. Dat is niet helemaal toevallig, want in mijn afspeellijst zitten alle nummer van The Common Linnets, dus het is niet gek dat juist een nummer van hen nu speelt.

Welk boek heb je het laatst gelezen?

Ik ben bezig met ‘Gevangen’ van Stephen King. Dit stond al een tijdje op mijn verlanglijstje, want de op dit boek gebaseerde televisieserie Under The Dome vind ik geweldig. Alleen begon ik het ook enigszins eng te vinden, dus wilde ik eerst het boek lezen voordat ik de serie uit ga kijken (ja, ik ben en blijf een meisje). Het boek is wel op behoorlijk wat punten anders dan de serie, maar het blijft leuk.

Welk liedje neem je mee naar een onbewoond eiland?

Ik ben niet van plan naar een onbewoond eiland te gaan (wat zou ik daar in vredesnaam moeten?). Ik heb niet echt een lievelingsliedje, dus dit is voor mij een enorm moeilijke vraag. Ik zou in elk geval een vrolijk nummer kiezen, want van alleen op een onbewoond eiland zitten word je toch al niet vrolijk, dan kun je maar beter geen deprimerende muziek meenemen. Dus wat is nu echt een nummer waar ik vrolijk van wordt? Misschien wint Lord of the Dance van Ronald Hardeman dan wel. Daar wordt ik wel echt vrolijk van. Hmm… ik neem wel gewoon mijn dwarsfluit mee, kan ik zelf muziek maken.

Geloof je in liefde op het eerste gezicht?

Ja en nee. Ik geloof dat je op het eerste gezicht meteen een klik kan voelen en verliefd kunt worden. Maar aan het eerste gezicht kun je niet alle leuke en minder leuke kanten van een persoon zien. Daarvoor moet je echt wel wat beter en langer kijken. Dus dan zou ik zeggen nee.

Als jij je eigen naam kon kiezen, hoe zou je dan heten?

Eh… tja.. Stel ik zou nu bevallen van een dochter, dan zou ze Esmée heten (en voor een zoon twijfel ik tussen Jesse en Benny). Maar betekent dat ook dat ik die naam voor mezelf zou kiezen? Daar heb ik eigenlijk nog nooit over nagedacht. Ben ik blij met mijn naam, is dan de vraag. Ik vind het mooi dat ik vernoemd ben naar mijn oma. Ik vind mijn naam ook de mooiste schrijfwijze van alle variaties. Dat anderen er toch altijd iets anders van maken komt niet doordat de schrijfwijze raar is. Dus ik zou mijn naam niet willen veranderen. Maar als ik nu geboren zou worden en ik zou kunnen praten en ze zouden me vragen hoe ik wilde heten en ik had dus nog geen naam, dan zou het dus waarschijnlijk Esmée zijn.

 

Ben je gelukkig?

Gelukkig wel. Ik geniet van het leven, van de kleine en de grote dingen. Ik heb het naar mijn zin op mijn werk en ik heb plezier daarbuiten. Dus ja, ik ben gelukkig.

Heb je ooit iets gedaan waarmee je in de problemen kwam?

Niet echt. Ik was altijd best wel heel erg braaf. Nou ja, dat is ook weer niet helemaal waar. Ik zorgde er alleen altijd voor dat als ik iets deed mensen daar niet achter kwamen. Ik heb bijvoorbeeld best wel eens gespijbeld op de middelbare school, maar dan alleen in die lessen waarvan ik zeker wist dat de docent de absentie niet invoerde, of als ik twee lessen op hetzelfde uur had of er iets van muziek was waar ik dan ook had kunnen zijn. Ik ben er dus nooit mee in de problemen gekomen.

Wat mis je het meeste aan kind zijn?

Het niet bewust zijn van wat er allemaal in de ‘grote mensen’ wereld gebeurt. Dat je nog niet weet dat er mensen zijn die het leuk vinden anderen te zien lijden. Dat de wereld nog niet groter is dan dat stukje waar jij leeft. Dat je niet bang hoeft te zijn dat iemand als Donald Trump of Geert Wilders aan de macht komt of dat een Salah Abdeslam denkt dat hij iets goeds doet door zichzelf en anderen de dood in te jagen.

 Wat een suffe vragen eigenlijk.. Dan koop ik toch liever de lekkere thee van Lord Nelson. 

 

 

Koning Winter

Ik had eigenlijk niet meer verwacht dat hij nog zou komen. Het bleef zolang zo warm buiten. Voor de Limburgers en Zeelanders is hij nog steeds ver weg, maar hier in het noorden heeft Koning Winter het land veroverd.

Gisteren was het al code Rood in Friesland en alle lessen gingen niet door, ook niet op de vestigingen in Flevoland, waar ik werk. Bij ons was het helemaal niet glad. Mijn auto was wel veranderd in een ijskar, maar op de weg lag nog niks. Omdat ik naar Flevoland moest rijden en het daar code Geel was, besloot ik gewoon naar mijn werk te gaan. Als het bij mij met code Rood nog niet glad was, dan zou het dat in Flevoland ook vast niet zijn. Bovendien had ik een paar belangrijke afspraken.

Het was ook goed te doen. Met 80-90 km per uur over de snelweg heb ik niets gemerkt van iets dat op ijzel leek. Het enige dat ik merkte was dat ik niet hoefde te wachten voor ik de geliefde rotonde van Joure kon oprijden en dat er geen vrachtwagens op de weg waren. Ik begreep dan ook pas toen ik op mijn werk was waarom er code rood was afgegeven. Ietsje verder Friesland in, bleken alle wegen veranderd te zijn in ijsbanen. De meeste Friezen waren er niet, en iedereen was verbaasd dat ik er wel was.

Ik ging vroeg naar huis, met een stapeltje werk, want door alle verhalen over de Elfstedentocht over de Snelweg was ik toch een beetje bang geworden dat er bij terugkeer ineens wel een laag ijs op de weg zou liggen. De scholen in het dorp hadden de deuren ook gesloten en dat zouden ze vast niet zomaar doen. Maar ook bij terugkomst was er nog niks aan de hand.

Vanochtend was het geeneens code rood, maar code oranje. Toch besloot ik eerst maar even buiten te kijken voordat ik mijn broodjes zou smeren. Dat bleek een goeie set, want de stoep en de weg waren spekglad. En dus werd het vandaag een dagje thuiswerken. Ik waagde nog even de gang naar de supermarkt, maar dat loopt nog best wel lastig. Gevallen ben ik niet, maar glijden was wel aardig aan de orde.

Inmiddels is het alweer code Rood en is het levensgevaarlijk op de wegen. Waarschijnlijk blijft het morgen nog aanhouden en wordt het pas morgenavond wat beter. Morgen maar weer kijken of het verantwoord is de weg op te gaan…

Eindejaarsblog 2015

De laatste dag van het jaar betekent dat het tijd is voor een korte terugblik en een voorzichtige vooruitblik. Vorig jaar op deze dag schreef ik dat het in 2015 allemaal moest gebeuren. Een baan, een huis en een boek. Met goede moed, maar lichtelijk ontevreden over hoe het er toen voorstond (ik zat toen toch al drie maanden zonder werk) ging ik 2015 in.

En het is me toch een jaartje geworden. 2015. Zo’n jaar waarin zoveel dingen veranderen dat je zeker wel van een overgangsjaar mag spreken. Een overgang naar een nieuwe fase in mijn leven.

Hoewel ik vanaf februari alweer een zinvolle invulling van mijn dagen kreeg door de werkervaringsplek die ik vanaf dat moment deed, was het pas in juli dat mijn leven daadwerkelijk veranderde. Toen werd ik namelijk aangenomen op de leukste locatie van het leukste Friese ROC. En omdat die locatie nou juist net niet in Friesland lag, was de afstand daarnaartoe wel zover dat ik hoopte snel te kunnen verhuizen.

En soms zit het leven gewoon even mee. Ik stond nog maar net ingeschreven bij de betreffende woningbouwvereniging of er kwam een ‘direct-te-huur’ woning beschikbaar, waar ik als eerste op reageerde. De twee weken die mijn vakantie resteerde gingen op aan verven, sauzen, kopen en inrichten.

Zo had ik in korte tijd de baan en het huis, twee belangrijke zaken die ik in 2015 moest realiseren van mezelf. Daarnaast kocht ik ook een auto en sloot ik me aan bij een leuke muziekvereniging zodat ik ook wat mensen zou leren kennen in deze omgeving.

Het derde voornemen, het boek,  zit in de ijskast. Heeft iets te maken met perfectionisme en nooit tevreden zijn. Het voornemen blijft weliswaar staan, alleen denk ik dat het een ander boek gaat worden.

Uiteraard weet ik niet wat 2016 gaat brengen. Of mijn contract verlengd wordt, of ik en de mensen om me heen gezond blijven,  of het leven net zo mooi blijft als het nu is.

Een goed voornemen heb ik wel. Eentje die ik elk jaar heb en ook afgelopen jaar op mijn lijstje stond (hoewel niet op mijn blog). Zoals elk jaar wil ik ook in 2016 een paar kilootjes armer worden. Nu moet ik zeggen dat dit in 2015 niet helemaal mislukt is. Ik begon heel goed en heb sommige dingen ook best goed doorgezet. In elk geval zo goed dat ik ongeveer vijf kilo lichter ben dan een jaar geleden. Maar dat is nog niet helemaal genoeg om een gezond gewicht te bereiken. Er moet nog ietsje meer af, en dat wil ik in 2016 gaan doen. Mijn goede voornemen is dus dat dit voor 2017 niet op mijn lijstje hoeft te staan!

Lieve mensen, wees voorzichtig met vuurwerk en tot volgend jaar!

Mysterieuze jij

Ik wist nooit zeker of je wel echt bestond. Je was onzichtbaar voor mij, maar toch aanwezig. Anderen dachten dikwijls dat ik jou was. Voor mij was dat een mysterie. Heb ik een dubbelganger, vroeg ik me vaak af. Iemand die zoveel op me leek dat ik niet van haar te onderscheiden was. 

Het gebeurt niet alleen op een plek. Overal worden we door elkaar gehaald. Alsof vrijwel iedereen die mij kent jou ook kent. Op mijn werk staat jouw naam al vier maanden op de telefoonlijst. Mails komen vaak binnen gericht aan jou. In notulen denken ze vaak dat jij er was in plaats van ik. Laatst was ik op een bijeenkomst en kreeg ik een badge met jou naam erop. 

De vraag werd voor mij steeds urgenter. Wie is die mysterieuze persoon? Besta jij eigenlijk wel, zit er bij al die mensen een steekje los, of ben ik gewoon jou zonder dat ik daar iets van weet? 

Ik heb je gegoogeld. Nu weet ik dat je bestaat. Je bent er, net als ik. Ik weet niet of we op elkaar lijken. Ik snap ook nog niet waarom mensen ons niet uit elkaar kunnen houden. Maar een deel van het mysterie is opgelost. 

Bettina Reitsma bestaat.

Soms is het moeilijk je te blijven realiseren dat de meeste mensen nog steeds helder kunnen nadenken en er een genuanceerde mening op na houden. De groep mensen die dat niet kan, of in elk geval niet doet, weet namelijk goed zijn mond open te trekken, waardoor deze groep al snel groter lijkt dan in werkelijkheid. 

Je merkt dat bijvoorbeeld in het vluchtelingenprobleem. Dan komt er weer een berichtje voorbij op Facebook over een fee die een gelukszoeker drie wensen laat doen. Zijn eerste wens is een goed gebit, zijn tweede wens is een villa in Utrecht om met zijn hele familie te wonen. De derde wens is een echte Nederlander te worden. De fee geeft hem een Nederlandse naam en een Nederlands uiterlijk, maar het goede gebit en de villa met zijn familie zijn weer verdwenen. Hoe dat kan? Een echte Nederlander heeft dat ook niet, en de gelukszoeker wilde een echte Nederlander worden.

Ik ben niet iemand die snel boos wordt, maar dit soort berichten maken me kwaad. En niet alleen het bericht zelf, ook de likes en de instemmende reacties. En dan zie je ’s avonds in EenVandaag Syrische vluchtelingen aan het woord. Dankbare mannen die ontzettend blij zijn met de kamer die ze met z’n achten moeten delen. Hoogopgeleide mensen, die in hun land een goede baan hadden, een mooi huis en een vriendenkring, maar die dit alles moesten achterlaten omdat de bommen hun leven onveilig maakten. Kleine kinderen die een enorme reis moeten maken omdat ze hun leven niet zeker zijn in hun eigen land. 

Het verhaal van de fee is duidelijk geschreven door een Nederlander die niet veel heeft en het gevoel heeft dat de overheid daar niets aan doet en wel iets doet voor buitenlanders. Er is angst dat door het binnenhalen van vluchtelingen er nog minder kansen op werk of sociale zekerheid zijn. Misschien niet een ongegronde angst, want voor de economie zal het wel niet voordelig zijn om vluchtelingen binnen te halen. Ik wil niet zeggen dat dit een probleem is dat we maar aan de kant moeten schuiven. Het staat alleen niet in verhouding met de problemen die de vluchtelingen hebben.

Het zijn mensen. In essentie zijn alle mensen aan elkaar gelijk. Niemand heeft gekozen om geboren te worden en niemand heeft gekozen voor een land om in op te groeien. De een is niet meer dan de ander. Rutte is niet meer dan de man die elke week de vuilnisbakken leegt. Willem-Alexander is gelijk aan mijn kapster. We zijn allemaal op dezelfde manier ontstaan. En dus is het leven van een Syriër net zo veel waard als dat van een Nederlander.

De vluchtelingen zijn blij dat ze een slaapplek hebben. Ze vinden het prima een kamer te delen met zeven anderen. De armste Nederlander heeft nog altijd de mogelijkheid in een sociale huurwoning te wonen. Een woning waar ze als gezin wonen, met vier, vijf, misschien zes mensen. Natuurlijk, een uitkering is geen vetpot, maar als je het vergelijkt met de kamer van acht personen, dan is het nog heel wat. 

En ja, natuurlijk zou de vluchteling een villa wensen als hij drie wensen mag doen bij de fee. Dat zou ik waarschijnlijk ook gewenst hebben. Maar dat betekent niet dat ik die villa in het dagelijks leven ook wens. Ik weet namelijk, net als de vluchtelingen, donders goed dat die villa op dit moment niet realistisch is en dus zit die ook niet in mijn gedachten.  

Gelukkig vertelde de Syrische vluchteling in EenVandaag ook dat hij zich welkom voelde, dat de Nederlanders vriendelijk waren en dat er veel vrijwilligers actief waren bij de IJsselhallen in Zwolle. Daardoor werd ik er weer even aan herinnerd dat de meeste mensen in Nederland nog steeds klaar staan voor de medemens en dat het maar een kleine groep schreeuwers is die er anders over denkt. Op social media hoor je ze misschien minder, maar ze steken wel hun haden uit de mouwen. En dat maakt mij trots op mijn landgenoten die daadwerkelijk iets doen. Want dat is waar het uiteindelijk om gaat.

Toen ik geboren werd, kreeg ik meteen een medische keuring van de huisarts. Daarna werd ik bij mijn moeder neergelegd. Veilig in haar armen. Ik kreeg voldoende te eten en te drinken, werd elke dag warm aangekleed, kreeg aandacht van mijn vader, mijn moeder, mijn broer en mijn zus. Er was een dak boven mijn hoofd. Ik kon rustig gaan slapen, zonder bang te hoeven te zijn.

Toen ik wat ouder werd, kon ik me in alle opzichten ontwikkelen. Op school leerde ik lezen, schrijven, rekenen en nog veel meer. Alles was erop gericht mij een goede toekomst te geven. Ik kon vriendschappen sluiten, mensen vertrouwen. Ik hoefde nergens bang voor te zijn. Ik kon muziek maken, sporten en andere dingen doen die ik leuk vond. Ik kon zelf een opleiding kiezen, uit het grote aanbod, en daarna kon ik werk zoeken waar ik plezier in verwachtte te hebben.

Nu weet ik, dat als ik ooit kinderen krijg, zij naar alle waarschijnlijkheid opgroeien in een relatief veilige wereld. Een wereld waarin ze zich kunnen ontplooien tot volwassenen met keuzemogelijkheden. Een wereld van luxe, waarin voldoende te eten en te drinken is, waarin vertrouwen mogelijk is, waarin angst niet een basisgevoel is. En als er op wat voor manier ook iets misgaat, zijn er allerlei instanties die kunnen helpen.

Dat alles heb ik te danken aan één ding. Iets waar ik totaal geen invloed op heb kunnen uitoefenen. Namelijk het simpele feit dat ik werd geboren in een land als Nederland. Een land waar geen oorlog is, waar het normaal is dat er drie keer per dag gegeten wordt, waar mensen in stenen huizen wonen, waar kinderen naar school gaan en de overheid tot op zekere hoogte sociale zekerheid kan bieden.

Lang niet iedereen heeft dat geluk. De kleine Aylan bijvoorbeeld niet. Die werd wel geboren in een land van oorlog. Een plek waar geen zekerheid was voor zijn toekomst. Een plek waar angst voor het oorlogsgeweld alles moest overheersen. Zo erg, dat zijn vader en moeder daar weg wilden om een betere toekomst te bieden aan hun twee zoontjes. Ze lieten familie en vrienden achter, hun huis en alle zekerheid die ze hadden. Een moeilijke beslissing, want ze wisten heus wel dat het niet makkelijk zou zijn. Toch gingen ze, want het was een betere optie dan te blijven.

Voor kinderen als Aylan kunnen de meesten nog wel compassie opbrengen. Die kozen er immers niet voor. Die kun je het niet kwalijk nemen. Maar de ouders, daar denken veel mensen (gelukkig de meesten niet) anders over. De ouders hadden moeten blijven waar ze waren, vinden veel mensen. Die willen we niet in Europa, want we hebben zelf al genoeg aan onze luxeproblemen.

Het lijkt tot sommige mensen niet door te dringen dat mensen alleen alles achterlaten als  ze ten einde raad zijn. Niet omdat ze denken dat ze het hier in Europa misschien ietsje beter zullen hebben, maar omdat ze hopen dat ze hier nog een leven kunnen hebben, een toekomst voor hun kinderen. Omdat daar waar ze per ongeluk geboren werden, een plek is waar het leven ondraaglijk is geworden.

Van mij hoef je echt niet per se een vluchteling in huis te nemen. Je hoeft wat mij betreft zelfs niet per se iets te doen, al zou dat erg mooi zijn natuurlijk. Maar stop alsjeblieft wel met reacties op sociale media, zoals dat het maar goed is dat zoveel vluchtelingen omkomen en dat ze maar in hun land hadden moeten blijven. Alsof zij en wij invloed hebben gehad op waar we werden geboren. Alsof wij belangrijker zijn omdat wij toevallig in het goede land zijn geboren en zij de pech hadden in een oorlogsland geboren te worden.